Ik kijk nog maar eens op mijn horloge. Daar word ik niet rustiger van. Voor me uit is niets anders dan de prachtige natuur van Schiermonnikoog. De bebouwing van het dorp is nog niet te zien. Daar moet ik wel naar toe, want daar is de lunch. Ik verhoog het tempo nog maar eens. En dat is nou juist niet de bedoeling van dit weekend.

Een weekend op Schier. Een stilte wandelweekend. Een paar dagen rust, tot mezelf komen. Vertragen. In combinatie met wandelen over het eindeloze strand en door de duinen. Een paar dagen dus niet praten. Dat bevalt me heel goed merk ik. In het begin is het vreemd, vooral tijdens het eten. Met een hele groep aan tafel en niemand die iets zegt. Het went al snel.

De afgelopen dagen hebben we al veel gewandeld. In het begin is mijn tempo nog vrij hoog. Het omschakelen van de dagelijkse routine op het vasteland naar de stilte en traagheid van het eiland kost mij tijd. Een paar keer stop ik bewust om het tempo eruit te halen. Dan sta ik stil en luister en kijk wat er zich binnen mij afspeelt. Het is vooral het gevoel van ruimte dat me opvalt. De ruimte buiten levert ook ruimte vanbinnen op.

Het is dus een wandelweekend. Het strand roept echter ook: “Kom hardlopen!” Die lokroep kan ik niet weerstaan. Op zondagochtend gaan de hardloopschoenen aan. Het voornemen is een heel rustige duurloop te doen. Dan kan ik me ook nog concentreren op de stilte. Mijzelf dus niet afbeulen, met alleen maar oog voor het hardlopen. Dat dus niet. Ik adem bewust, gebruik al mijn zintuigen om waar te nemen wat er is.

Dat was ruim een uur geleden. Van mijn voornemen om het rustig aan te doen is weinig meer over. Ik besloot op het strand nog één paal verder te lopen. Dat verder werd een heel stuk verder. Zonder dat ik ondertussen het strand af kon. Omkeren is voor mij als hardloper geen optie. Dus maar doorlopen. De afstand is geen probleem. De lunch wel. Die is met de groep en begint op een afgesproken tijdstip. Het dringende verzoek van de leiding was om daarbij op tijd aanwezig te zijn. Ik maak mij zorgen of dat zal lukken. Mijn hoofd geeft aan, dat ik het met dit tempo inderdaad niet zal halen. Dat wil mijn hoofd niet en geeft het signaal aan mijn benen dat het harder moet. Die zijn nog niet moe en gehoorzamen.

Aan de ene kant baal ik van deze situatie. Waarom nou zover willen lopen? Wat als ik te laat ben? Dit was niet de bedoeling van het weekend. De stilte in mij heeft plaats gemaakt voor een hoop rumoer. Aan de andere kant moet ik om mezelf lachen. Het is zo herkenbaar wat er hier met mij gebeurt. Als ik onder druk kom te staan (het niet op tijd komen), ga ik harder werken (tempo verhogen). Is dat ook niet wat ik doe op mijn werk? Als er een deadline nadert, ga ik harder werken. Dan word ik onrustiger, is er meer stress.

Ik ben blij met dit inzicht. Het bevestigt mij ook nog eens dat hardlopen kan helpen gedrag en patronen duidelijk te maken. Bijvoorbeeld in situaties op het werk. Dat wil ik anderen ook laten ervaren. Tijdens het sporten, buiten, in de natuur, en ook nog werken aan je persoonlijke ontwikkeling. Daar wil ik mee door!

Inmiddels zie ik het dorp. Het is nu niet ver meer en ik heb nog tijd. Genoeg tijd. Ik vertraag weer tot een heel rustig duurlooptempo. De lach is er nog steeds. Heerlijk gelopen en ik heb mijzelf weer beter leren kennen. En ook nog op tijd voor de lunch.

Welke patronen of gedrag herken jij van jezelf van het hardlopen? Of herken je ze nog niet, maar wil je ze gaan ontdekken? Wil jij hier mee aan de slag en (letterlijk) stappen zetten in je persoonlijke ontwikkeling? Laten we dan eens samen gaan lopen.