Als het niet goed voelt

Blog van onze coach Sander

Hij is nieuwsgierig hoe dat nou gaat, dat hardlopend coachen. Bovendien is er ook wel iets dat hij wil bespreken. Het is regenachtig. Mijn plan was het bos in te lopen om enigszins beschut te zijn. Op het laatst zegt mijn gevoel mij naar het open veld te gaan. We gaan samen op weg. Hij loopt goed door, het bovenlichaam iets naar voren. Alsof hij steeds snelheid wil maken. Ondertussen maken we kennis. Hij is iemand met veel energie, een aanpakker, wil dingen graag goed doen, zelfstandig, sportief, klaagt niet snel.

We stoppen om wat losmaak- en aandachtsoefeningen te doen. Op mijn vraag hoe dat is voor hem, antwoordt hij, dat hij veel spanning voelt in zijn lijf. Als hij even later vertelt dat hij geen ruimte krijgt op zijn werk, zie ik dat hij onbewust een hand op zijn buik legt. Hij voelt zich als een beginneling behandeld en dat laat zich daar voelen.

Het hoort zo

Hij had bedacht dat hij eens ander werk moest gaan doen. Al lang als financial bij dezelfde werkgever, leuke baan, leuke collega’s. Hij kon er nog doorgroeien, maar ging toch voor wat anders. Dat hoort toch zo, dacht hij. Zijn nieuwe baan is niet zijn oude. Minder vrijheid, meer beleidsmatig werk, minder contact met medewerkers. Deuren van kamers zitten veelal dicht. Dat voelt niet goed. Zo maar opgeven wil hij ook niet. Dat doet hij nooit.

De eerste keer dat hij zijn afdeling op liep had hij het al gevoeld. Was dit wel de juiste stap? Het gevoel was gevoeld, maar zijn hoofd beredeneerde het weg. ‘Het wordt een succes.’ ‘Je doet het juiste.’ ‘Je bent toe aan iets nieuws.’ 

Hoofd vs lichaam

Met hardlopen gebeurt het mij ook wel eens dat het hoofd iets anders wil dan wat mijn lichaam aangeeft. Het hoofd wil vasthouden aan wat het trainingsschema aangeeft, het lijf geeft aan dat het trainingsschema ook maar bedacht is en dat het vandaag toch echt rustig moet. Of eigenlijk liever een dagje helemaal niet lopen. Wat doe ik dan? Gewoon gaan trainen? Het schema is immers heilig en deze training kan ik echt niet missen. Of ik bedenk me dat ik na deze training een paar dagen rust heb. En mijn vermoeidheid loop ik er vast zo uit. Dus schoenen aan en de training doen. Heel soms loopt het dan toch wel goed, maar meestal niet.

Andersom is ook wel eens het geval trouwens. Je hele lijf schreeuwt om te gaan hardlopen, maar je hoofd zegt: “nee”. Ik trainde eens voor een marathon. Wekenlang kilometers maken en maar lopen. De laatste 2 weken wordt dat afgebouwd. Ik wilde alleen maar lopen, had voor drie marathons energie. Ik had bedacht dat ik graag een goede tijd wilde lopen en daarvoor moest ik uitgerust en gretig aan de start staan. Weinig hardlopen dus in de weken ervoor. Dat was lastig om mee om te gaan. Ik wist wel dat het voor een korte periode was en dat het een reden had om niet te gaan lopen. Daar had mijn gevoel op dat moment geen boodschap aan.

Ruimte

Hij kijkt om zich heen. Zijn aandacht gaat naar de openheid van het gebied waar we zojuist hebben hardgelopen. Ik vraag hem wat opvalt, met datgene wat hij vertelde over zijn nieuwe baan in zijn gedachten. ‘Ruimte’, zegt hij. ‘Geen gedachten die in de weg zitten. Gedachten dat ik niet mag opgeven, dat ik afmaak waar ik aan ben begonnen. Hij maakt een foto om het beeld vast te leggen. Om er later nog eens naar terug te kijken, als hij behoefte heeft aan ruimte.

‘Waar is je probleem een oplossing voor?’ vraag ik. ‘Dat ik voortaan mijn gevoel serieus neem. Ik heb er nu geen rekening mee gehouden en zit daardoor nu op een plek, waar ik mij niet gelukkig voel. Dat is wat ik ervan heb geleerd.’

Hoe voel jij je gevoel? Krijgt dat wel eens voorrang van je hoofd? Ga eens wandelen of hardlopen zonder schema. Zonder horloge. Zonder telefoon. Zonder muziek. Vraag je nadien eens af hoe dat voor je was. Levert het ruimte op? Of iets anders? 

Kies je eigen pad

Een blog van onze coach Sander over je eigen pad kiezen. Een voorbeeld van hoe een sessie hardlopend coachen kan gaan.

Hij staat al te wachten op de afgesproken plek. Klaar voor een sessie hardlopend coachen. Hij ziet eruit als een getraind loper. Ergens achter in de dertig, vriendelijke blik, maar ook wat gespannen en gereserveerd lijkt het. We gaan meteen op pad, de kennismaking doen we tijdens het inlopen. Hij werkt als financial, een drukke baan. Als freelancer doet hij veel verschillende opdrachten. De afwisseling is leuk, net zo als het behalen van resultaten. Hij vertelt dat hij nieuwsgierig is naar deze vorm van coachen. Dat hardlopen zijn passie is. Vooral gericht op het lopen van wedstrijden, aan de hand van trainingsschema’s. Hij vindt het echter ook heerlijk om zo nu en dan zonder specifiek doel hard te lopen. Te genieten van wat hij tegenkomt onderweg, zonder dat het horloge en de hartslagmeter leidend zijn.

We stoppen op een mooie plek met uitzicht op een meertje om wat losmaak oefeningen te doen. Het praten is even wat minder om de bewegingen goed te kunnen voelen. Hij ontspant zichtbaar. De ademhaling is rustig. Na een tijdje gaan we weer verder. In een rustig tempo lopen we in stilte. De opdracht is om waar te nemen wat er is. Welke geluiden zijn er, wat is er te zien en te ruiken? Hoe voelt de ondergrond aan?

Het pad als metafoor

Na een minuut of tien vertelt hij hoe het voor hem was. De wind die hij voelde, het ruisen van het hoge gras en de bomen. De vogels die druk kwetterend rondvliegen. Maar ook de afwezigheid van het constante geluid van verkeer, dat in de stad waar hij woont, wel aanwezig is. Na de vraag wat hem verder nog opvalt in de omgeving, begint hij over het pad. Het pad waarover we lopen. Het is bochtig en heuvelachtig. Doordat we op een open stuk lopen, is te zien dat het pad op die manier nog een eind verder doorloopt. Net zo als het stuk dat al achter ons ligt.

Het pad doet hem denken aan de weg die hij aflegt in zijn werk. Een paar jaar geleden had hij een doel voor ogen, dat hij wilde bereiken. De weg ernaar toe was een rechte lijn. Had hij bedacht. Nu blijkt dat de weg meer is zoals het pad waar hij nu op loopt. Met bochten en heuvels. Een mooie weg, dat wel. Maar minder snel dan vooraf gedacht.

Wat vindt hij daarvan? Na deze vraag kijkt hij me van opzij even aan. Richt dan zijn blik weer op het pad voor zich. “Ik wilde altijd zo snel mogelijk op mijn doel af. Resultaat halen en weer door naar het volgende. Als het niet zo ging als ik had bedacht, vond ik dat lastig. Probeerde het dan toch op die manier voor elkaar te krijgen. Nu ik hier zo loop, besef ik dat het ook iets anders kan gaan. Soms is een omweg nodig, moet ik wat extra moeite doen om een heuvel op te komen.”

Positie op het voetbalveld

“Hoe is dat voor je? Die moeite die je moet doen?” “Ik ben een harde werker, dus een stapje extra is meestal geen probleem. Bovendien is dit iets dat ik zelf graag wil. Voor mijn gevoel is dit iets waar ik voor het eerst bewust voor heb gekozen. Daarvoor overkwamen veel dingen mij. Dat wil ik niet meer. Dat is ook de reden dat ik hier met je loop. Jullie coaches noemen dat persoonlijk leiderschap, toch? Ik wil het zelf bepalen.”

We praten er een tijdje over door. Ik stel voor een visualisatie oefening te doen om hem een beeld te laten krijgen van het ‘niet zelf bepalen’. We gaan zitten op een bankje. Hij sluit zijn ogen en luistert naar de inleiding. Hij ziet zichzelf als een voetballer, jaren geleden. Ingezet op die plek in het veld waar het nodig was. Aanvaller, verdediger, links, rechts. Nog net geen keeper. En geen vaste plek op het middenveld. Dat vond hij het leukste en kon hij het beste. Dat de trainer dat niet zag! De trainer erop wijzen deed hij ook niet trouwens.

Als we na de oefening weer verder lopen, geeft hij aan dat dit een mooi beeld is om te onthouden. Dat wil hij niet meer. Hoe lastig hij het soms vindt, als het wel dreigt te gebeuren. Dat zijn dan ook de bochten en heuvels op zijn pad.

Hoe loopt jouw pad? Is het kaarsrecht? Of bochtig en heuvelachtig? Wat doe je met zijwegen? Loop je alleen? Of vind je het fijn als ik een keer met je meeloop?

Hardlopen als spiegel

Ik kijk nog maar eens op mijn horloge. Daar word ik niet rustiger van. Voor me uit is niets anders dan de prachtige natuur van Schiermonnikoog. De bebouwing van het dorp is nog niet te zien. Daar moet ik wel naar toe, want daar is de lunch. Ik verhoog het tempo nog maar eens. En dat is nou juist niet de bedoeling van dit weekend.

Een weekend op Schier. Een stilte wandelweekend. Een paar dagen rust, tot mezelf komen. Vertragen. In combinatie met wandelen over het eindeloze strand en door de duinen. Een paar dagen dus niet praten. Dat bevalt me heel goed merk ik. In het begin is het vreemd, vooral tijdens het eten. Met een hele groep aan tafel en niemand die iets zegt. Het went al snel.

De afgelopen dagen hebben we al veel gewandeld. In het begin is mijn tempo nog vrij hoog. Het omschakelen van de dagelijkse routine op het vasteland naar de stilte en traagheid van het eiland kost mij tijd. Een paar keer stop ik bewust om het tempo eruit te halen. Dan sta ik stil en luister en kijk wat er zich binnen mij afspeelt. Het is vooral het gevoel van ruimte dat me opvalt. De ruimte buiten levert ook ruimte vanbinnen op.

Het is dus een wandelweekend. Het strand roept echter ook: “Kom hardlopen!” Die lokroep kan ik niet weerstaan. Op zondagochtend gaan de hardloopschoenen aan. Het voornemen is een heel rustige duurloop te doen. Dan kan ik me ook nog concentreren op de stilte. Mijzelf dus niet afbeulen, met alleen maar oog voor het hardlopen. Dat dus niet. Ik adem bewust, gebruik al mijn zintuigen om waar te nemen wat er is.

Dat was ruim een uur geleden. Van mijn voornemen om het rustig aan te doen is weinig meer over. Ik besloot op het strand nog één paal verder te lopen. Dat verder werd een heel stuk verder. Zonder dat ik ondertussen het strand af kon. Omkeren is voor mij als hardloper geen optie. Dus maar doorlopen. De afstand is geen probleem. De lunch wel. Die is met de groep en begint op een afgesproken tijdstip. Het dringende verzoek van de leiding was om daarbij op tijd aanwezig te zijn. Ik maak mij zorgen of dat zal lukken. Mijn hoofd geeft aan, dat ik het met dit tempo inderdaad niet zal halen. Dat wil mijn hoofd niet en geeft het signaal aan mijn benen dat het harder moet. Die zijn nog niet moe en gehoorzamen.

Aan de ene kant baal ik van deze situatie. Waarom nou zover willen lopen? Wat als ik te laat ben? Dit was niet de bedoeling van het weekend. De stilte in mij heeft plaats gemaakt voor een hoop rumoer. Aan de andere kant moet ik om mezelf lachen. Het is zo herkenbaar wat er hier met mij gebeurt. Als ik onder druk kom te staan (het niet op tijd komen), ga ik harder werken (tempo verhogen). Is dat ook niet wat ik doe op mijn werk? Als er een deadline nadert, ga ik harder werken. Dan word ik onrustiger, is er meer stress.

Ik ben blij met dit inzicht. Het bevestigt mij ook nog eens dat hardlopen kan helpen gedrag en patronen duidelijk te maken. Bijvoorbeeld in situaties op het werk. Dat wil ik anderen ook laten ervaren. Tijdens het sporten, buiten, in de natuur, en ook nog werken aan je persoonlijke ontwikkeling. Daar wil ik mee door!

Inmiddels zie ik het dorp. Het is nu niet ver meer en ik heb nog tijd. Genoeg tijd. Ik vertraag weer tot een heel rustig duurlooptempo. De lach is er nog steeds. Heerlijk gelopen en ik heb mijzelf weer beter leren kennen. En ook nog op tijd voor de lunch.

Welke patronen of gedrag herken jij van jezelf van het hardlopen? Of herken je ze nog niet, maar wil je ze gaan ontdekken? Wil jij hier mee aan de slag en (letterlijk) stappen zetten in je persoonlijke ontwikkeling? Laten we dan eens samen gaan lopen.

Bezoekadres
Hoofdstraat 69
7213 CS  Gorssel
0575 - 494 588
info@gezondheidscentrumvanbronkhorst.nl 

Blijf geïnformeerd